De imker in de herfst: bijen voorbereiden op de winter
Share
Wanneer de dagen korter worden en de temperaturen dalen, verandert het leven in de bijenkast. De zomer is voorbij, de meeste bloemen zijn uitgebloeid en de bijen bereiden zich voor op de koude maanden. Voor de imker is de herfst een belangrijke periode. Hoewel de bijen steeds minder actief worden, is er achter de schermen nog genoeg te doen om de volken gezond en sterk de winter in te laten gaan.
Bij Imkerij ’t Gooi besteden we in deze periode extra aandacht aan de gezondheid van onze bijenvolken. Want een goed voorbereide bijenkast maakt een groot verschil voor de overlevingskansen van de bijen in de winter.
De laatste bijen van het seizoen
In de zomer is een bijenvolk volop in beweging. Duizenden werksters vliegen af en aan om nectar, stuifmeel en water te verzamelen. In de herfst neemt deze activiteit geleidelijk af. Er bloeien minder planten en op koudere dagen blijven de bijen vaker in de kast. Ook binnen het volk verandert er veel. De koningin legt steeds minder eitjes naarmate de dagen korter worden en de temperatuur daalt. Het volk wordt kleiner en de bijen richten zich steeds meer op het overleven van de winter. De winterbijen die in deze periode worden geboren, zijn bijzonder belangrijk. Ze leven veel langer dan de zomerbijen en helpen het volk om de koude maanden te overbruggen. In het voorjaar zorgen zij ervoor dat het volk weer kan groeien wanneer de eerste bloemen verschijnen.
De bijenkast controleren
Een van de belangrijkste taken van de imker in de herfst is het controleren van de bijenvolken. Daarbij kijkt de imker onder andere naar de sterkte van het volk, de hoeveelheid voedsel en de algemene gezondheid van de bijen. Een sterk volk heeft voldoende bijen om samen warmte te produceren en de koningin te beschermen. Ook moet er genoeg voedsel aanwezig zijn om de winter door te komen. De imker probeert de bijen zo veel mogelijk met rust te laten. Iedere keer dat een kast wordt geopend, gaat er warmte verloren en kan het volk worden verstoord. Daarom worden controles zorgvuldig uitgevoerd en vooral gericht op wat op dat moment noodzakelijk is.
Voldoende voedsel voor de winter
Tijdens de zomer verzamelen honingbijen nectar, die ze omzetten in honing. Een deel daarvan gebruiken ze zelf als voedsel. Wanneer er voldoende honing overblijft, kan het volk daarvan leven tijdens de winter. Soms heeft een volk echter onvoldoende voedselvoorraden. Dat kan bijvoorbeeld komen door een matige zomer, een lange periode met slecht weer of doordat er eerder honing is geoogst. In dat geval kan de imker de bijen bijvoeren met geschikt bijenvoer.
Het is belangrijk dat de bijen in de herfst voldoende voorraad hebben. In de winter kunnen ze immers niet zomaar naar buiten om nieuw voedsel te verzamelen. Ze vormen dan een wintertros in de kast en bewegen zich geleidelijk door de voedselvoorraad heen. De imker houdt daarbij rekening met de grootte van het volk, het type bijenkast en de plaatselijke omstandigheden. Het doel is eenvoudig: ervoor zorgen dat de bijen de winter met voldoende energie tegemoetgaan.
De varroamijt: een belangrijke aandachtspunt
Naast voedsel is de gezondheid van het volk een belangrijk onderdeel van de herfstwerkzaamheden. Een van de grootste bedreigingen voor honingbijen is de varroamijt. Deze parasiet leeft op bijen en plant zich voort in het broed. De mijt kan bijen verzwakken en virussen overbrengen. Vooral de winterbijen zijn kwetsbaar. Zij moeten immers maandenlang bijdragen aan het voortbestaan van het volk. Wanneer zij al tijdens hun ontwikkeling zwaar door varroamijten zijn belast, kan het volk de winter verzwakt ingaan.
Daarom controleert de imker de mijtbesmetting en past zo nodig een toegestane, passende bestrijdingsmethode toe. De timing en methode zijn afhankelijk van de omstandigheden en de aanwezigheid van broed. Een gezonde winterpopulatie geeft het bijenvolk een betere kans om in het voorjaar weer sterk aan het nieuwe seizoen te beginnen.
Bescherming tegen kou, wind en vocht
Honingbijen houden zichzelf warm door dicht bij elkaar te kruipen en hun vliegspieren te laten trillen. Zo vormen ze een wintertros waarin de temperatuur rond het midden voldoende hoog blijft om de koningin en het volk in leven te houden. De imker helpt door ervoor te zorgen dat de kast goed staat en in goede conditie verkeert. De standplaats moet voldoende beschutting bieden tegen harde wind en langdurige regen. Ook is het belangrijk dat overtollig vocht kan worden afgevoerd.
Een bijenkast hoeft niet volledig luchtdicht of extra warm geïsoleerd te worden. Een goede balans tussen beschutting en ventilatie is belangrijk om condensatie en vochtproblemen te beperken. Daarnaast let de imker op mogelijke verstoringen door bijvoorbeeld muizen. Een passende vliegopening en een stevige kast helpen om ongewenste bezoekers buiten te houden.
Wat gebeurt er met de honing?
De honing die de bijen in de kast opslaan, is in de eerste plaats hun eigen voedselvoorraad. Als imker oogst je daarom alleen honing wanneer er voldoende voorraad voor het volk overblijft en de omstandigheden dat toelaten. In de herfst is het doorgaans geen tijd meer voor grote honingoogsten. De aandacht verschuift naar de voorbereiding op de winter. De honing die we eerder in het seizoen zorgvuldig hebben geoogst, kunnen we wel verwerken en in potten klaarmaken voor de verkoop. Zo blijft het werk van de imker ook na het honingseizoen doorgaan. Van het verzorgen van de bijenvolken tot het afvullen en etiketteren van de honing: ieder seizoen heeft zijn eigen werkzaamheden.
Ook in de tuin is de herfst belangrijk voor bijen
Niet alleen in de bijenkast, maar ook in de tuin kunnen we iets betekenen voor bijen en andere bestuivers. Hoewel veel planten in de herfst uitgebloeid zijn, zijn er nog soorten die nectar en stuifmeel leveren. Denk bijvoorbeeld aan klimop, herfstasters en andere laatbloeiende planten. Vooral klimop kan in de herfst een belangrijke voedselbron zijn voor insecten, zolang de bloemen nog nectar en stuifmeel leveren.
Daarnaast begint het nieuwe tuinseizoen eigenlijk al in de herfst. Dit is een goed moment om na te denken over meer bloeiende planten in het voorjaar en de zomer. Door verschillende soorten te combineren, kun je ervoor zorgen dat er gedurende een groot deel van het jaar voedsel beschikbaar is.
Bij het kiezen van planten is het verstandig om te letten op de bloeiperiode, de waarde voor verschillende insecten en de geschiktheid voor de standplaats. Inheemse planten kunnen daarbij een waardevolle rol spelen, maar ook niet-inheemse tuinplanten kunnen nectar en stuifmeel leveren. Een tuin vol bloemen is niet alleen mooi om te zien, maar kan ook bijdragen aan een leefomgeving waarin honingbijen, wilde bijen, hommels en vlinders voedsel vinden.
Kaarsen maken wanneer het buiten kouder wordt
De herfst en winter bieden ook ruimte voor werkzaamheden die in de drukke zomer minder aandacht krijgen. Een mooi voorbeeld is het maken van bijenwaskaarsen. Bijenwas ontstaat als de bijen zelf wasplaatjes produceren om hun raten te bouwen. Bij het verwerken van bijenwas kan de imker deze bijzondere grondstof gebruiken om kaarsen te maken.
Bijenwaskaarsen hebben een warme, natuurlijke kleur en een herkenbare, subtiele geur. Het maken ervan vraagt om aandacht en geduld: de was moet zorgvuldig worden verwarmd en verwerkt. Zo krijgt ook deze waardevolle grondstof een mooie bestemming. Het is een ambachtelijke bezigheid die goed past bij de rustigere periode van het jaar en laat zien hoeveel verschillende producten een bijenvolk kan voortbrengen.
Hier vind je onze kaarsen
De winter begint met goede voorbereiding
Voor de buitenwereld lijkt het misschien alsof er in de herfst en winter weinig gebeurt bij de imker. De bijen vliegen minder en de honing wordt niet meer volop geoogst. Toch is dit een van de belangrijkste perioden van het jaar.
Door aandacht te besteden aan voedselvoorraden, gezondheid, de varroamijt en de conditie van de bijenkast, helpt de imker de bijenvolken om de winter zo goed mogelijk door te komen.
Daarna volgt een periode waarin de bijen vooral op hun eigen kracht vertrouwen. Op de eerste zachte dagen kunnen ze soms alweer korte reinigingsvluchten maken. En zodra het voorjaar nadert en de eerste bloemen verschijnen, begint de cyclus opnieuw.
Bij Imkerij ’t Gooi kijken we daarom niet alleen naar de honing die een bijenvolk oplevert, maar vooral naar de zorg die nodig is om het volk gezond te houden. Want achter iedere pot honing staat een heel seizoen van observeren, verzorgen en samenwerken met de natuur.
Wil je zelf iets betekenen voor bijen? Begin dan in je eigen tuin of op je balkon. Kies planten die op verschillende momenten in het jaar bloeien en zorg voor een gevarieerd aanbod aan bloemen. Iedere bloeiende plek kan helpen om bijen en andere bestuivers van voedsel te voorzien.
link naar de goede planten
Samen kunnen we zo werken aan een bloemrijkere omgeving, in de herfst én gedurende de rest van het jaar.
Michiel Versteeg - Imkerij ’t Gooi – met aandacht voor bijen, natuur en ambacht.